E-learning
Een goede mondgezondheid steunt op drie pijlers:
1. Een goede dagelijkse mondhygiëne
2. Mondvriendelijke voeding
3. Een (half)jaarlijks bezoek aan de tandarts of mondhygiënist
Een goede mondzorg is belangrijk voor het vermijden van problemen zoals gaatjes (cariës), tandvleesproblemen (gingivitis en parodontitis) en andere ontstekingen in de mond. Adequate zelfzorg wordt moeilijk wanneer de oudere te maken krijgt met fysieke en/of cognitieve beperkingen. Als zorgverleners de dagelijkse mondzorg ondersteunen of -indien nodig- volledig overnemen, kan de mondgezondheid op peil blijven.
Op latere leeftijd zien we vaak verschillende soorten gebitssituaties. Sommige ouderen hebben nog eigen, natuurlijke tanden. Anderen hebben een gedeeltelijke of volledige gebitsprothese. Bij heel wat ouderen werden er ook al heel wat restauratieve zorgen uitgevoerd, zoals bijvoorbeeld kroon- of brugwerk. Hier zullen de meest voorkomende gebitssituaties met de bijhorende mondzorg besproken worden.
Natuurlijke tanden
Natuurlijke tanden worden het best minstens tweemaal per dag gepoetst. Zowel manueel als elektrisch poetsen zijn beide goed in het verwijderen van tandplak. Elektrisch poetsen is echter gemakkelijker en efficiënter, zeker wanneer je iemand anders zijn/haar tanden poetst. Let op: niet elke bewoner verdraagt dit, of zal dit toelaten. Een manuele tandenborstel houd je in een hoek van 45 graden, ‘schuin tegen het tandvlees’, en beweeg je in cirkelvormige bewegingen. Een elektrische tandenborstel plaats je loodrecht op de tand en laat deze het werk doen. Bij beide technieken is het belangrijk dat je stukje voor stukje opschuift en alle tanden gepoetst hebt. Ook poets je niet enkel de buitenkant van de tanden, maar ook de binnenkant en op de kauwvlakken. Gebruik ook een standaard tandpasta die minstens 1450 ppm fluoride bevat en extra bescherming biedt tegen het ontstaan van gaatjes.
Met een, manuele of elektrische, tandenborstel poets je maar 60% van je volledige gebit. De andere 40% zijn alle ruimtes tussen de tanden in. Hier kruipt niet enkel eten tussen maar bouwt ook tandplak zich op. Je reinigt best één keer per dag ook tussen de tanden zodat dagelijks 100% van het gebit gepoetst is. Er bestaan verschillende soorten interdentale hulpmiddelen waarmee je tussen de tanden kan reinigen, zoals ragertjes of interdentale borsteltjes. Om tandplak tussen de tanden te verwijderen plaats je het borsteltje tegen tegen het tandvlees en duw je het borsteltje langs buiten tussen elke twee doorheen. Eens je de interdentale ruimte gevonden hebt, beweeg je het borsteltje een aantal keer in en uit in de ruimte. Dit vergt enige oefening om bij iemand anders te doen.
Iemand met een goede dagelijkse mondhygiëne heeft geen mondspoelmiddel nodig. Bij sommige personen met een verhoogd risico op gaatjes, kan een fluoride mondspoelmiddel wel aanvullend op de dagelijkse mondverzorging aangeraden worden. Dit alleen op advies van een tandarts of mondhygiënist. De mond spoelen kan het tandenpoetsen niet vervangen.
Het poetsen van iemand anders zijn/haar tanden is niet altijd evident. In onderstaand filmpje wordt uitgelegd hoe je dit het best doet op een ergonomische manier.
Gebitsprothese
Er bestaan verschillende soorten gebitsprotheses. Ze komen voor in verschillende vormen en materialen.
In onderstaande sleepoefening worden de stappen van het reinigen van een gebitsprothese toegelicht.
Tandenloze kaken
Zelfs een mond die volledig tandloos is en waar geen gebitsprothese is, dient verzorgd te worden. De mond wordt best na iedere maaltijd gespoeld met water en één keer per dag gereinigd met behulp van een gaasje of zachte tandenborstel. Dit moet gedaan worden om etensresten te verwijderen en schimmelvorming te voorkomen.
Tong
Ook op de tong kan plak zich hechten. Bacteriën in de groeven van de tong zijn dan ook de meest voorkomende oorzaak voor een slechte ademgeur. Plak hecht zich sneller aan de tong bij personen met een droge mond (bijvoorbeeld ten gevolge van bepaalde medicatie). Daarom is het zeker bij deze personen goed om ook de tong dagelijks te reinigen. Dit kan gedaan worden aan de hand van een tongschraper: houd de punt van de tong vast met een gaasje en schraap er 5 tot 10 keer over en weer met de tongschraper.
Algemene tips voor het uitvoeren van mondzorg
- Kies bij voorkeur 2 tijdstippen om mondzorg te geven die het gemakkelijkste zijn voor zowel jou als voor de bewoner. Las bij voorkeur één van deze momenten in na het laatste eetmoment, voor het slapengaan.
- Zorg er steeds voor dat alle gebruikte materialen voor de dagelijkste mondzorg (tanden- en/of protheseborstel, interdentale borsteltjes) netjes worden afgespoeld na gebruik en droog en rechtopstaand worden bewaard. Vervang borstel tijdig: om de 3 maanden of eerder indien de haartjes uit elkaar gaan staan.
Voeding
Suikerrijke of zure voedingsmiddelen worden best zo veel mogelijk beperkt. Zo wordt er aangeraden om het aantal eetmomenten per dag te beperken tot vijf. De meeste voedingsmiddelen verstoren de zuurtegraad van de mond, waardoor het risico op gaatjes of gebitslijtage groter wordt. Motiveer de bewoners daarom om tussen de eetmomenten door alleen neutrale, ongesuikerde dranken te drinken zoals water, melk, thee of koffie zonder suiker, verse soep of groentesap. Let op: light- en zerodranken zijn slecht voor de tanden wegens hun zuurtegraad. Deze worden daarom best vermeden. Indien er kleine snoepjes of kauwgums tussen de maaltijden genuttigd worden om een droge mond tegen te gaan door de speekselproductie te stimuleren, let er dan opnieuw op dat deze suikervrij zijn.
