2.3 Ondersteunend werken

Ondersteunend werken

Als je ervoor gekozen hebt om deze module te volgen, is de kans groot dat ‘anderen helpen’ een belangrijk deel is van je takenpakket. Het is dan ook niet slecht om even stil te staan bij de vraag: Hoe kan ik helpen? Wat kan ik betekenen? Wat heeft de ander nodig?

Als professional hebben we soms de neiging om te hervallen in een traditioneel patroon van ‘ik, de expert’ versus ‘jij, de patiënt’. Deze hiërarchische denkwijze is nog vaker zichtbaar in zorg- dan in welzijnsberoepen, en vereist een shift in visie op zorg – iets wat niet gemakkelijk of vanzelfsprekend is.

Eén van de basiscompetenties is echt jezelf als professional naast de persoon zetten […] of zelfs op de achterbank zetten, en de [kwetsbare] persoon het stuur laten overnemen

Uit gesprekken met het werkveld

Ondersteunend werken betekent de persoon zien als gelijkwaardige actor, waarbij er een gedeelde expertise is tussen de professional en de persoon zelf: enkel zij weten werkelijk wat voor impact hun nood heeft, wat hun hulpvraag betekent, welke uitdagingen ze ervaren, welke wensen ze hebben en hoe hun netwerk eruit ziet. De rol van de professional is die van facilitator: de persoon helpen om te ontdekken waar zijn noden liggen, wat de hulpvraag is, wat dit betekent voor de persoon, en wat zijn doelstellingen zijn; en ondersteuning bieden bij het uitvoeren van een gezamenlijk uitgetekend plan van aanpak, door: hulpmiddelen aan te reiken, verbinding te maken met andere actoren als de nood buiten je professionele grenzen ligt, vaardigheden te oefenen, en kennis te delen wanneer nodig.

Ondersteuning bieden verandert gaandeweg […] niet vanuit mijn expertise “en nu zitten we in die fase en moeten we dat gaan doen”, maar gaandeweg praktisch op te lossen van “oke, als jullie dat echt willen waar liggen dan de moeilijkheden om dat te kunnen doen en wat is daar voor nodig?”

Hilde Rombauts, uit de podcast ‘Ondersteunend werken’

Deze ondersteuning sluit dan ook aan bij de behoeften, competenties en de persoonlijkheid van de zorgvrager: ondersteunend werken vereist dat je persoonsgericht werkt, en vergt continue afstemming om de zelfregie van de persoon te respecteren.

Wij faciliteren verbinding door bankjes te zetten, soep rond te brengen, en we maken met cliënten “doodle-stenen” die we dan verstoppen in de buurt zodat bewoners ze kunnen zoeken. Sociale media is hierbij helpend.

Uit gesprekken met het werkveld

 

Samenvatting

  • Ondersteunend werken vereist dat je de (kwetsbare) persoon als gelijkwaardige partner beschouwt
  • De (kwetsbare) persoon weet het beste wat zijn uitdagingen zijn en welke doelstellingen hij wil en kan halen: ondersteunend werken vereist dat je persoonsgericht kan werken
  • Stel jezelf en de persoon continue de vraag: wat kan ik betekenen, hoe kan ik je hierbij helpen?
  • Als je ondersteunend werkt respecteer je de zelfregie van de (kwetsbare) persoon door het stuur niet ongevraagd uit handen te nemen

Casus

Competentie bekeken vanuit de casus van Jos en Maria.

Dochter An gaat op zoek naar een groep van thuisverpleegkundigen op vraag van haar vader.  Ze informeert bij enkele vrienden in het dorp en ze checkt bij de sociaal assistente van de dienst senioren in de gemeente, daar maakt ze een afspraak en ze neemt haar ouders mee. 

De sociaal assistente informeert bij Maria hoe het komt dat ze gevallen is?  Ondersteund door Jos vertelt Maria dat ze is gestruikeld over de mat, Jos vult aan dat hij merkt dat zijn vrouw algemeen wat minder fit en soepel wordt. Maria oogt wat zorgelijk en triest. ‘Niet makkelijk hé’, zegt de assistente.  ‘Je bent zo lang fit en heel zelfstandig geweest, dat is echt aanpassen’.

Maria knikt, ‘ik trek nog goed mijn plan, zo goed als ik kan’, zegt ze. En Jos is er ook nog. ‘Jullie zijn een schoon paar’, bevestigt de sociaal assistente. Daarop stelt ze voor de inschaling van de zorgnood wat aan te passen en overloopt op dat moment de aangevraagde financiële tegemoetkomingen.  Ze schetst nog een keer de mogelijkheden voor thuisverpleging in de gemeente, geeft de telefoonnummers door en checkt of Jos of An zelf contact zullen maken.

Om af te ronden reikt ze info aan over een huisbezoek van een ergotherapeut via de ziekteverzekering, die samen met Maria en Jos mogelijke aanpassingen aan het huis kan bekijken zodat het valrisico zo goed mogelijk beperkt kan worden. Zal ik voor jullie al een afspraak maken? An knikt bevestigend, ‘Doe dat maar’, zegt ze; ‘Papa en mama willen zo lang mogelijk, zo goed mogelijk samen thuis blijven’.

De volgende ochtend belt An thuisverpleging. Er wordt afgesproken een dag later met de zorg te starten, in de ochtend.

Zelfreflectie

 

  • Hoe merk je dat de sociaal assistente ‘ondersteunend werkt’?
  • Zijn er acties die de sociaal assistente nog, of anders, had kunnen aanpakken (met het oog op ‘ondersteunend werken’)?
  • Hoe pas jij ‘ondersteunend werken’ toe in de dagelijkse praktijk?
    • Vind je dat ‘ondersteunend werken’ een sterkte is, of eerder een uitdaging?
    • Zijn er factoren die ‘ondersteunend werken’ makkelijker of moeilijker maken? (Bij jezelf, de (kwetsbare) persoon, de omgeving,…)

Podcast

Al op zoek naar verdieping? In onderstaande podcast gaan we in gesprek over deze competentie.